Vrijdag 25 april 2025
Het reisverslag gaat hier verder met het laatste deel van mijn bezoek aan het stadsmuseum van Krakow. Waar de begane grond vooral over de oude geschiedenis van de stad gaat, komt op de eerste verdieping van het museum de meer recente geschiedenis aan bod. In de late Middeleeuwen en de Renaissancetijd maakte de stad een bloeiperiode door. De welvaart kwam vooral door de handel. Er vond handel plaats met het koninklijke paleis de Wawel. Ook werd veel geld verdiend door de handel in koper met andere steden.

In een andere ruimte wordt aandacht besteed aan de stadsontwikkeling. In Krakow ontstonden aan het eind van de 18de eeuw de eerste openbare parken en een botanische tuin. In de loop van de negentiende eeuw ontstonden ook allerlei parken buiten het directe centrum van de stad en kreeg Krakow zijn parken zoals die in veel grote steden te vinden zijn.

In de laatste ruimte van dit onderdeel van het museum komt de rol van de burgermaatschappij aan bod. Hierbij kan dan gedacht worden aan het stichten van ziekenhuizen door particuliere organisaties, opvangplaatsen voor daklozen en allerlei andere vormen van zorg. Na de Tweede Wereldoorlog werd dit volledig door de communistische overheid overgenomen en werden particuliere initiatieven de kop ingedrukt.

Op het einde van de rondgang door het museum zijn nog een aantal bijzondere kerststallen te zien. Al eerder in een reisverslag heb ik aangegeven dat er jaarlijks een wedstrijd wordt georganiseerd waarbij de mooiste kerststal bekroond wordt. Op de twee foto’s hieronder zijn twee van deze kerststallen te zien.


De Rynek is het centrale plein van de stad. Onder dit plein bevindt zich een ondergronds museum met een oppervlakte van 4000 m2. Het museum is geopend op 24 september 2010. Voor toegang heb je een kaartje voor een bepaald tijdstip nodig. Dit had ik gelukkig al voor mijn vakantie online gekocht en dat bleek ook nodig te zijn, want toen ik hier aan het eind van de middag aankwam waren alle kaartjes voor de rest van de dag al uitverkocht.

Het museum bestaat uit een grote ondergrondse ruimte waar steeds maar een bepaald aantal mensen aanwezig mogen zijn (daarom de beperkte hoeveelheid toegangskaartjes). In deze ruimte wordt mede aan de hand van opgravingen een beeld gegeven van hoe Krakow er in de Middeleeuwen uitzag. Omdat het best donker was, zijn niet alle foto’s even goed gelukt.


In dit museum krijg je een goed beeld van hoe archeologie werkt. Zo bestaat de onderstaande kolom uit verschillende lagen. De bovenste laag is een voetpad uit de 15de eeuw. De lagen daaronder zijn allerlei voetpaden van verschillende soorten materialen uit eerdere eeuwen en gaat terug tot de 13de eeuw.

Een beeld van de Middeleeuwse tijd wordt gegeven door een plattegrond met het toenmalige straatpatroon. In een aantal vitrines zijn opgravingen en voorwerpen uit deze periode te zien.

De volgende foto laat een reconstructie zien van de werkplaats van een goudsmid uit de 12de/13de eeuw. In deze tijd werden er nog redelijk eenvoudige sieraden gemaakt en werden goud en zilver vaak vermengd met andere goedkopere metalen. Op de foto daarna staat de werkplaats van een ijzersmid uit dezelfde periode.


De onderstaande foto laat een aantal restanten zien van houten gebouwen uit de 12de eeuw.

Houten huizen waren erg brandgevoelig en in veel oude steden braken er dan ook met enige regelmaat branden uit die voor grote verwoestingen konden zorgen. In het museum staat ook een replica van een houten woonhuis uit de Middeleeuwen.

Naast het centrale deel van het museum zijn er ook nog een aantal onderaardse gangen waar je letterlijk door restanten van fundamenten van oude gebouwen kunt lopen. Eerst kom je dan nog langs een grote maquette van de Middeleeuwse stad.

Vanaf het einde van de 14de eeuw werd gestart met het installeren van systemen om water de stad in te brengen. Een replica van een rurmus waterpomp staat in het museum. Hierdoor was het mogelijk om water vanuit de rivier in de stad te krijgen. Nadat de Zweden in 1655 Krakow veroverde werd het watersysteem vernietigd. Pas in 1901 werd begonnen met de aanleg van de huidige moderne waterleidingen.

Het middeleeuwse watersysteem bestond uit allerlei pijpen waartussen tanks lagen. Hierin kon water worden opgeslagen. Deze tanks konden zowel op privé-terrein als op openbare plaatsen liggen. Hier kon dan water uitgehaald worden.

De volgende twee foto’s geven een indruk van het gedeelte van het museum waar je tussen de oude fundamenten van gebouwen heenloopt. Op verschillende plaatsen wordt met bordjes aangegeven om welk Middeleeuws gebouw het ging.


Er zijn foto’s te zien van de opgravingen die hier in het begin van de 20ste eeuw hebben plaatsgevonden.

Het is een museum dat je snel over het hoofd ziet, omdat het volledig onder de grond ligt, maar het is absoluut de moeite waard om te bezoeken. In een uurtje krijg je een goed beeld van de Middeleeuwse stad. Wat het vooral bijzonder maakt is dat het museum werkelijk gevestigd is op de plek waar deze oude gebouwen stonden en je tussen deze fundamenten doorloopt. De oude restanten zijn dus niet naar het museum gebracht zoals vaak het geval is, het museum is er omheen gebouwd.

Het volgende deel van dit reisverslag is te vinden op deze pagina
Het reisverslag gaat hier verder met het laatste deel van mijn bezoek aan het stadsmuseum van Krakow. Waar de begane grond vooral over de oude geschiedenis van de stad gaat, komt op de eerste verdieping van het museum de meer recente geschiedenis aan bod. In de late Middeleeuwen en de Renaissancetijd maakte de stad een bloeiperiode door. De welvaart kwam vooral door de handel. Er vond handel plaats met het koninklijke paleis de Wawel. Ook werd veel geld verdiend door de handel in koper met andere steden.

In een andere ruimte wordt aandacht besteed aan de stadsontwikkeling. In Krakow ontstonden aan het eind van de 18de eeuw de eerste openbare parken en een botanische tuin. In de loop van de negentiende eeuw ontstonden ook allerlei parken buiten het directe centrum van de stad en kreeg Krakow zijn parken zoals die in veel grote steden te vinden zijn.

In de laatste ruimte van dit onderdeel van het museum komt de rol van de burgermaatschappij aan bod. Hierbij kan dan gedacht worden aan het stichten van ziekenhuizen door particuliere organisaties, opvangplaatsen voor daklozen en allerlei andere vormen van zorg. Na de Tweede Wereldoorlog werd dit volledig door de communistische overheid overgenomen en werden particuliere initiatieven de kop ingedrukt.

Op het einde van de rondgang door het museum zijn nog een aantal bijzondere kerststallen te zien. Al eerder in een reisverslag heb ik aangegeven dat er jaarlijks een wedstrijd wordt georganiseerd waarbij de mooiste kerststal bekroond wordt. Op de twee foto’s hieronder zijn twee van deze kerststallen te zien.


De Rynek is het centrale plein van de stad. Onder dit plein bevindt zich een ondergronds museum met een oppervlakte van 4000 m2. Het museum is geopend op 24 september 2010. Voor toegang heb je een kaartje voor een bepaald tijdstip nodig. Dit had ik gelukkig al voor mijn vakantie online gekocht en dat bleek ook nodig te zijn, want toen ik hier aan het eind van de middag aankwam waren alle kaartjes voor de rest van de dag al uitverkocht.

Het museum bestaat uit een grote ondergrondse ruimte waar steeds maar een bepaald aantal mensen aanwezig mogen zijn (daarom de beperkte hoeveelheid toegangskaartjes). In deze ruimte wordt mede aan de hand van opgravingen een beeld gegeven van hoe Krakow er in de Middeleeuwen uitzag. Omdat het best donker was, zijn niet alle foto’s even goed gelukt.


In dit museum krijg je een goed beeld van hoe archeologie werkt. Zo bestaat de onderstaande kolom uit verschillende lagen. De bovenste laag is een voetpad uit de 15de eeuw. De lagen daaronder zijn allerlei voetpaden van verschillende soorten materialen uit eerdere eeuwen en gaat terug tot de 13de eeuw.

Een beeld van de Middeleeuwse tijd wordt gegeven door een plattegrond met het toenmalige straatpatroon. In een aantal vitrines zijn opgravingen en voorwerpen uit deze periode te zien.

De volgende foto laat een reconstructie zien van de werkplaats van een goudsmid uit de 12de/13de eeuw. In deze tijd werden er nog redelijk eenvoudige sieraden gemaakt en werden goud en zilver vaak vermengd met andere goedkopere metalen. Op de foto daarna staat de werkplaats van een ijzersmid uit dezelfde periode.


De onderstaande foto laat een aantal restanten zien van houten gebouwen uit de 12de eeuw.

Houten huizen waren erg brandgevoelig en in veel oude steden braken er dan ook met enige regelmaat branden uit die voor grote verwoestingen konden zorgen. In het museum staat ook een replica van een houten woonhuis uit de Middeleeuwen.

Naast het centrale deel van het museum zijn er ook nog een aantal onderaardse gangen waar je letterlijk door restanten van fundamenten van oude gebouwen kunt lopen. Eerst kom je dan nog langs een grote maquette van de Middeleeuwse stad.

Vanaf het einde van de 14de eeuw werd gestart met het installeren van systemen om water de stad in te brengen. Een replica van een rurmus waterpomp staat in het museum. Hierdoor was het mogelijk om water vanuit de rivier in de stad te krijgen. Nadat de Zweden in 1655 Krakow veroverde werd het watersysteem vernietigd. Pas in 1901 werd begonnen met de aanleg van de huidige moderne waterleidingen.

Het middeleeuwse watersysteem bestond uit allerlei pijpen waartussen tanks lagen. Hierin kon water worden opgeslagen. Deze tanks konden zowel op privé-terrein als op openbare plaatsen liggen. Hier kon dan water uitgehaald worden.

De volgende twee foto’s geven een indruk van het gedeelte van het museum waar je tussen de oude fundamenten van gebouwen heenloopt. Op verschillende plaatsen wordt met bordjes aangegeven om welk Middeleeuws gebouw het ging.


Er zijn foto’s te zien van de opgravingen die hier in het begin van de 20ste eeuw hebben plaatsgevonden.

Het is een museum dat je snel over het hoofd ziet, omdat het volledig onder de grond ligt, maar het is absoluut de moeite waard om te bezoeken. In een uurtje krijg je een goed beeld van de Middeleeuwse stad. Wat het vooral bijzonder maakt is dat het museum werkelijk gevestigd is op de plek waar deze oude gebouwen stonden en je tussen deze fundamenten doorloopt. De oude restanten zijn dus niet naar het museum gebracht zoals vaak het geval is, het museum is er omheen gebouwd.

Het volgende deel van dit reisverslag is te vinden op deze pagina

Reactie toevoegen