Charlottenburg deel 2
Een kamer in Charlottenburg die nog volledig origineel is, is deze slaapkamer. Deze is vermoedelijk in 1710 door Frederik I voor zijn derde geliefde Sophie Luise zu Mecklenburg-Schwerin-Grabow ingericht. Frederik de Grote maakte er een kamer van waarin allerlei antieke zaken tentoongesteld werden.

In 1788 liet Frederik Willem II aan de tuinzijde een zomerwoning inrichten in Etruskische en Chinese stijl. In deze tijd werd de cultuur van de Etrusken door allerlei opgravingen bekend. In de kamer bevonden zich objecten uit de antiekverzameling van Frederik de Grote.

Nadat Frederik Willem III in 1797 aangetreden was, liet hij in een deel van de voormalige woning van Elisabeth Christines een appartement inrichten. In de 19de eeuw werd de inrichting meerdere keren verandert. Na de Tweede Wereldoorlog moest ook dit zwaar beschadigde deel van het slot volledig hersteld worden. Nu zijn er verschillende stukken te zien uit de verschillende paleizen van de koning.

In een kamer die oorspronkelijk de slaapkamer van Koningin Elisabeth Christine was, zijn nu allerlei schilderijen te zien die koning Frederik Willem III bij verschillende tentoonstellingen gekocht hebt. Toen hij in 1809 uit Oost-Pruisen terugkwam gebruikte hij deze kamer om hier zijn geweren op te bergen.

In de voormalige slaapkamer van koningin Elisabeth Christine werd rond 1810 de bibliotheek ondergebracht. Tegenwoordig zijn in deze ruimte allerlei kunstwerken uit de tijd van Frederik Willem III te vinden.

De volgende gele kamer werd vanaf 1797 door Frederik Willem gebruikt als werkkamer. Ook deze kamer is in 1943 uitgebrand en heeft vanaf 2005 weer de oorspronkelijke gele wandbekleding gekregen. De portretten zijn familieleden van Frederik Willem II en Luise.

Toen Frederik Willem III in het voormalige appartement van Elisabeth Christines woonde, liet hij eerst de onderstaande ruimte inrichten als zijn slaapkamer. Na het bombardement van november 1943 kwamen er onder de wandbekleding beschilderde panelen tevoorschijn uit de tijd van 1740 tot 1742. De panelen geven een fantasiewereld uit het verre oosten weer.

In 1810 richting Frederik Willem III de volgende kamer in als zijn slaapkamer. De inrichting van de kamer doet denken aan de gele inrichting in de slaapkamer van koningin Luise in het bovengedeelte van het slot. Sinds 2005 heeft deze kamer weer de oorspronkelijke gele kleur van de wanden. In deze ruimte zijn een aantal objecten te zien uit de oorlogen van 1813 en 1815.

De kleur van de muren van de voorkamer is zoals die ook was rond 1800. In deze kamer zijn een aantal Franse schilderijen uit de tijd van Napoleon te zijn. Voor het merendeel gaat het hier om meesterwerken van David en Vernet.

In de ochtend heb ik de gehele rechtervleugel van het slot bezocht. In de buurt hiervan bevindt zich net nieuwe paviljoen. Dit is een gebouwtje uit 1824/1825 dat als zomerresidentie diende voor Frederik Willem III. In het gebouw zijn nu onder andere schilderijen van Caspar David Friedrich en Karl Blechen te zien.

Het nieuwe paviljoen heeft een tuinkamer. Karel Frederik Schinkel heeft de kamer ingericht naar aanleiding van zijn tweede reis naar Italië in 1824. De blauwe wandbekleding is van textiel. In 1906 werd de originele kleding vernietigd. Pas in 2011 werd een boek gevonden van het Berlijnse textielbedrijf Gabain. In dit boek zat een voorbeeld van het textiel dat in de 19de eeuw aan verschillende Berlijnse paleizen geleverd is. Hierdoor kon een exacte kopie gemaakt worden van de blauwe wandbekleding met sterren. Deze reconstructie hangt sinds 2015 in de tuinkamer.

Slechts van een aantal kamers van het paviljoen is bekend hoe ze er oorspronkelijk uitzagen. Delen het paviljoen gaan dan ook vooral over kunstenaars en onderwerpen van de Pruisische kunst uit het begin van de 19de eeuw.

Op de onderstaande foto is links een meubel te zien van Schneevogl. Aan de binnenkant van dit meubel is een schilderij van het klooster Tegernsee te zien. Dit is een van de weinige orginele stukken in het nieuwe paviljoen.

Uit de biedermeier periode zijn ook een aantal schilderijen gezien. In de vroege negentiende kwam er steeds meer vraag naar portretten vanuit de burgerij. Eerder werden dat soort portretten vooral schildert voor koningen e.d..

Zoals eerder vermeld is Karel Frederik Schinkel de architect van dit gebouw. De eerste echte grote opdracht die hij heeft uitgevoerd was het ontwerpen van de Neue Wache in Berlijn. Ook was hij verantwoordelijk voor een verbouwing van het binnenste van de dom van Berlijn. Later in zijn leven heeft hij veel opdrachten gedaan voor het koningshuis van Pruisen en heeft hij allerlei openbare gebouwen ontworpen zoals het museum bij de Lustgarten.

Schinkel is ook de ontwerper van het ijzeren kruis dat als ereteken dient voor de bevrijdingsoorlogen tegen Napoleon. Alle ijzeren oorlog- en herdenkingsmonumenten die tot 1840 in Berlijn zijn gemaakt gaan terug op ontwerpen en ideeën van Schinkel.

Schinkel was ook actief als schilder en ontwerper van meubels. Tussen 1810 en 1835 heeft hij verschillende interieurs ontworpen voor de Koninklijke familie van Pruisen. Op de foto hieronder zijn een aantal van de stoelen te zien die door hem ontworpen zijn.

Hieronder is een schilderij te zien van Eduard Gaertner. Hij heeft een aantal prachtige stadsgezichten geschilderd. Frederik Willem III was een van de grootste opdrachtgevers van hem. In een andere ruimte van het nieuwe paviljoen zijn nog een aantal schilderijen uit de 19de eeuw te zien die geïnspireerd zijn door Italië. Allerlei schilders uit Duitsland gingen in die tijd naar Italië om daar ideeën op te doen voor hun schilderijen.

Het volgende deel van dit reisverslag is te vinden op deze pagina
Een kamer in Charlottenburg die nog volledig origineel is, is deze slaapkamer. Deze is vermoedelijk in 1710 door Frederik I voor zijn derde geliefde Sophie Luise zu Mecklenburg-Schwerin-Grabow ingericht. Frederik de Grote maakte er een kamer van waarin allerlei antieke zaken tentoongesteld werden.

In 1788 liet Frederik Willem II aan de tuinzijde een zomerwoning inrichten in Etruskische en Chinese stijl. In deze tijd werd de cultuur van de Etrusken door allerlei opgravingen bekend. In de kamer bevonden zich objecten uit de antiekverzameling van Frederik de Grote.

Nadat Frederik Willem III in 1797 aangetreden was, liet hij in een deel van de voormalige woning van Elisabeth Christines een appartement inrichten. In de 19de eeuw werd de inrichting meerdere keren verandert. Na de Tweede Wereldoorlog moest ook dit zwaar beschadigde deel van het slot volledig hersteld worden. Nu zijn er verschillende stukken te zien uit de verschillende paleizen van de koning.

In een kamer die oorspronkelijk de slaapkamer van Koningin Elisabeth Christine was, zijn nu allerlei schilderijen te zien die koning Frederik Willem III bij verschillende tentoonstellingen gekocht hebt. Toen hij in 1809 uit Oost-Pruisen terugkwam gebruikte hij deze kamer om hier zijn geweren op te bergen.

In de voormalige slaapkamer van koningin Elisabeth Christine werd rond 1810 de bibliotheek ondergebracht. Tegenwoordig zijn in deze ruimte allerlei kunstwerken uit de tijd van Frederik Willem III te vinden.

De volgende gele kamer werd vanaf 1797 door Frederik Willem gebruikt als werkkamer. Ook deze kamer is in 1943 uitgebrand en heeft vanaf 2005 weer de oorspronkelijke gele wandbekleding gekregen. De portretten zijn familieleden van Frederik Willem II en Luise.

Toen Frederik Willem III in het voormalige appartement van Elisabeth Christines woonde, liet hij eerst de onderstaande ruimte inrichten als zijn slaapkamer. Na het bombardement van november 1943 kwamen er onder de wandbekleding beschilderde panelen tevoorschijn uit de tijd van 1740 tot 1742. De panelen geven een fantasiewereld uit het verre oosten weer.

In 1810 richting Frederik Willem III de volgende kamer in als zijn slaapkamer. De inrichting van de kamer doet denken aan de gele inrichting in de slaapkamer van koningin Luise in het bovengedeelte van het slot. Sinds 2005 heeft deze kamer weer de oorspronkelijke gele kleur van de wanden. In deze ruimte zijn een aantal objecten te zien uit de oorlogen van 1813 en 1815.

De kleur van de muren van de voorkamer is zoals die ook was rond 1800. In deze kamer zijn een aantal Franse schilderijen uit de tijd van Napoleon te zijn. Voor het merendeel gaat het hier om meesterwerken van David en Vernet.

In de ochtend heb ik de gehele rechtervleugel van het slot bezocht. In de buurt hiervan bevindt zich net nieuwe paviljoen. Dit is een gebouwtje uit 1824/1825 dat als zomerresidentie diende voor Frederik Willem III. In het gebouw zijn nu onder andere schilderijen van Caspar David Friedrich en Karl Blechen te zien.

Het nieuwe paviljoen heeft een tuinkamer. Karel Frederik Schinkel heeft de kamer ingericht naar aanleiding van zijn tweede reis naar Italië in 1824. De blauwe wandbekleding is van textiel. In 1906 werd de originele kleding vernietigd. Pas in 2011 werd een boek gevonden van het Berlijnse textielbedrijf Gabain. In dit boek zat een voorbeeld van het textiel dat in de 19de eeuw aan verschillende Berlijnse paleizen geleverd is. Hierdoor kon een exacte kopie gemaakt worden van de blauwe wandbekleding met sterren. Deze reconstructie hangt sinds 2015 in de tuinkamer.

Slechts van een aantal kamers van het paviljoen is bekend hoe ze er oorspronkelijk uitzagen. Delen het paviljoen gaan dan ook vooral over kunstenaars en onderwerpen van de Pruisische kunst uit het begin van de 19de eeuw.

Op de onderstaande foto is links een meubel te zien van Schneevogl. Aan de binnenkant van dit meubel is een schilderij van het klooster Tegernsee te zien. Dit is een van de weinige orginele stukken in het nieuwe paviljoen.

Uit de biedermeier periode zijn ook een aantal schilderijen gezien. In de vroege negentiende kwam er steeds meer vraag naar portretten vanuit de burgerij. Eerder werden dat soort portretten vooral schildert voor koningen e.d..

Zoals eerder vermeld is Karel Frederik Schinkel de architect van dit gebouw. De eerste echte grote opdracht die hij heeft uitgevoerd was het ontwerpen van de Neue Wache in Berlijn. Ook was hij verantwoordelijk voor een verbouwing van het binnenste van de dom van Berlijn. Later in zijn leven heeft hij veel opdrachten gedaan voor het koningshuis van Pruisen en heeft hij allerlei openbare gebouwen ontworpen zoals het museum bij de Lustgarten.

Schinkel is ook de ontwerper van het ijzeren kruis dat als ereteken dient voor de bevrijdingsoorlogen tegen Napoleon. Alle ijzeren oorlog- en herdenkingsmonumenten die tot 1840 in Berlijn zijn gemaakt gaan terug op ontwerpen en ideeën van Schinkel.

Schinkel was ook actief als schilder en ontwerper van meubels. Tussen 1810 en 1835 heeft hij verschillende interieurs ontworpen voor de Koninklijke familie van Pruisen. Op de foto hieronder zijn een aantal van de stoelen te zien die door hem ontworpen zijn.

Hieronder is een schilderij te zien van Eduard Gaertner. Hij heeft een aantal prachtige stadsgezichten geschilderd. Frederik Willem III was een van de grootste opdrachtgevers van hem. In een andere ruimte van het nieuwe paviljoen zijn nog een aantal schilderijen uit de 19de eeuw te zien die geïnspireerd zijn door Italië. Allerlei schilders uit Duitsland gingen in die tijd naar Italië om daar ideeën op te doen voor hun schilderijen.

Het volgende deel van dit reisverslag is te vinden op deze pagina

Reactie toevoegen