Reisverslag Berlijn april 2024 deel 21

Donderdag 2 mei 2024
Op de laatste dag van mijn vakantie in Berlijn ben ik in de ochtend met de trein vertrokken naar Kostrzyn. Dit is een plaats die in het Westen van Polen ligt, net over de grens met Duitsland. Vanaf het station Berlin-Lichtenberg rijdt er elk uur een rechtstreekse trein naar Kostrzyn. Deze treinreis duurt ongeveer anderhalf uur.



Vanwege werkzaamheden aan een brug tussen Duitsland en Polen waar ook de spoorlijn overheen loopt, was het eindstation van de trein begin mei 2024 het plaatsje Kustrin-Kietz in Duitsland. Voor 1945 was Kostrzyn en Kustrin-Kietz een plaats. Door de verschuiving van de grenzen na het einde van de Tweede Wereldoorlog, kwam Kostrzyn in Polen te leggen en bleef Kustrin-Kietz onderdeel van Duitsland. Het laatste stuk van de route moest afgelegd worden met een vervangende bus. De treinmaatschappij had hiervoor kleine busjes ingezet.



Met de bus was het nog ongeveer een kwartier naar het station van Kostrzyn, net over de Poolse grens. Voor 25 euro kun je een dagkaartje kopen waarmee je in heel Berlijn en Brandenburg met het openbaar vervoer (alleen regionale treinen) kunt reizen. Dit kaartje is ook geldig op het deel van het traject in Polen tot de eindbestemming Kostrzyn.



Vanaf het station van Kostrzyn was het daarna ongeveer 25 minuten wandelen naar de oude stad van Kostrzyn. Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog is deze stad verwoest en vervolgens nooit meer opgebouwd. Nu kun je over dit terrein wandelen waarop zich nog maar enkele restanten van de oude stad bevinden. Er is ook een museum met een tentoonstelling over de geschiedenis van de stad. Op de onderstaande foto is de tijdelijke brug te zien, die over de rivier de Oder is gelegd ter vervanging van de brug waaraan gewerkt wordt.



Na een wandeling van een klein halfuur kwam ik dan ook aan bij de ingang van het museum. In dit gebied staan ook nog oude gebouwen die vroeger gebruikt werden toen er nog grenscontroles waren tussen Duitsland en Polen.



De vesting Kustrin diende vanaf de tweede helft van de 16de eeuw voor de bescherming van de gelijknamige residentiestad. Na het einde van de Eerste Wereldoorlog verloor de stad deze functie en werd gestart met het afbreken van de oostelijke vestingmuur. Aan het einde de Tweede Wereldoorlog werd de stad opnieuw tot vesting verklaard om in maart 1945 bijna volledig verwoest te worden. De resterende gebouwen werden na het einde van de oorlog opgeblazen en de materialen werden hergebruikt. Vanaf de jaren ’90 van de vorige eeuw is gestart met het restaureren van de vestingmuren.



Wanneer je door een poort in de vestingmuur loopt om het terrein op te gaan, kom je allereerst langs een klein museum dat nu gebruikt wordt en waar ook wat souvenirs te koop zijn. In de kleine museumruimte zijn allerlei opgravingen te zien uit het plaatsje Gorzyca in het westen van Polen. Dit is een plaats waar regelmatig archeologische vondsten worden gedaan. Sinds 2011 worden deze vondsten in dit museum tentoongesteld. De tentoonstelling ging nu specifiek over aardewerk dat hier gevonden is.



Om in de museumruimte rond te kunnen kijken moet je het bedrag van 5 Poolse Zloty betalen. De toegang tot het gebied van de oude stad zelf is gratis. De volgende foto laat zien dat de vestingmuur nog redelijk in takt is. Achter deze vestingmuur ligt de rivier de Oder en kun je aan de andere kant van de rivier Duitsland zien.



In dit gebied is het stratenpatroon van de oude stad volledig gehandhaafd. Voor een deel liggen er nog stenen op deze straten maar soms loop je ook gewoon over een zandpad. Met behulp van bordjes worden in het Duits en het Pools de namen van de oude straten aangegeven.



De Naam Küstrin wordt voor het eerst genoemd in een document uit 1232. In 1535 werd het gebied geërfd door Johann von Brandenburg-Küstrin en startte hij met het bouwen van zijn slot. Een paar jaar later startte de aanleg van de vestingmuren. Tijdens de 30 jarige oorlog kwam Küstrin in 1631 in Zweedse handen. De Zweden gingen verder met het uitbouwen van de vesting. Iets wat later werd overgenomen door keurvorst Frederik Willem.



Later kwam de vesting opnieuw in Duitse handen om tijdens de zevenjarige oorlog in augustus 1758 belegerd te worden door de Russen. Het gevolg was dat de stad die toen volledig gebouwd was door middel van hout verwoest werd. In 1806 moest de stad door Frederik Willem van Ingersleben worden opgegeven door druk van de troepen van Napoleon. De Fransen bezetten de stad tot 1814 en bouwden de vesting verder uit.



Op de plek van de van de voormalige kerk zijn nog enkele restanten te zien en staat tegenwoordig een groot kruis. Vanaf 1815 was de vesting weer in Duitse handen en ging men verder met de uitbouw vooral om de stad tegen de artillerie te beschermen die steeds verder kon schieten. Opslagruimtes voor kruid werden verplaatst buiten de stad en ook werden een aantal forten gebouwd buiten de vesting zelf.



Zoals de volgende foto laat zien, zijn de delen waar vroeger de huizen stonden volledig overwoekerd door allerlei struiken en bomen die hier nu groeien. De straat op de foto had vroeger de naam “Apothekergasse”.



Op de vestingmuur hangt een plakkaat met de afbeelding van Hans Hermann von Katte. Dit was een luitenant van het Pruisische leger. Op bevel van koning Frederik Willem I werd hij in 1730 in Küstrin onthoofde. De reden hiervoor was dat hij de kroonprins geholpen had om te vluchten naar Frankrijk. Die wilde ontkomen aan het strenge regime van zijn vader.



Bepaalde delen van de oude vestingmuur zijn goed opgeknapt zodat ze voor bezoekers toegankelijk zijn. Hier heb je een mooi uitzicht op de rivier de Oder en Duitsland dat aan de andere kant van de rivier ligt.



In het gebied van de oude stad ben ik vanaf de ingang langs de vestingmuur (en dus de rivier de Oder gelopen). Je komt dan uit aan de andere kant van de stad waar het opgeknapte bastion Filip ligt. Hier is tegenwoordig een museum gevestigd over de geschiedenis van Küstrin.



Het volgende deel van dit reisverslag is te vinden op deze pagina

Reactie toevoegen

Filtered HTML