Woensdag 24 juli 2024
In de beide kastelen Peles en Pelisor die te bezoeken zijn in Sinaia is veel te zien. Daarom bestaat het reisverslag van deze dag ook uit vijf delen om alles hier zo goed mogelijk te laten zien. Inmiddels ben ik aangekomen op de tweede verdieping van het Pelisor kasteel. De ruimte op de onderstaande foto is de slaapkamer van prinses Miarioara. Zij was de tweede dochter van Ferdinand en Marie. De meubels zijn gemaakt in Wenen.

Op de gangen van de tweede verdieping ziet het er allemaal vrij krap uit. Dit wordt vooral veroorzaakt door de lage plafonds die je niet meteen in een kasteel verwacht.

Op de tweede verdieping is ook een aparte Oriëntaalse kamer te zien met meubels, vazen en tapijten uit Azië.

De gouden kamer die door koningin Marie zelf ontworpen is, is de mooiste kamer van dit kasteel. Dit is ook de kamer waar ze in 1938 gestorven is voordat ze begraven bij de rest van de Roemeense koninklijke familie. Haar hart werd tot 1940 bewaard in een zilveren doos waar zowel de Engelse als Roemeense vlag omheen gewikkeld waren. Hierna werd deze doos verplaatst naar het kasteel in Bran. In 2015 besloot koningin Michael om hem te verplaatsen naar deze ruimte.

De gouvernante van de eerste dochter van Marie (Leila Milne) had een eigen kamer in dit kasteel. Het interieur is ontworpen door Bernhard Ludwig uit Wenen. De vazen komen uit Kopenhagen en zijn gemaakt in Art Nouveau stijl.

Arnold Morhlen was een pedagoog die de persoonlijke docent werd van het eerste kind van het koninklijke echtpaar. Ook hij had hier een aparte kamer.


De laatste kamer in de route door het kasteel is de prachtige eetzaal. Hierin staat een tafel waaraan plaats is voor 24 personen. Het zilver en kristal komt uit Bohemen en Duitsland.

Iets na vier uur kwam ik uit het Pelisor kasteel. Hoewel het Peles kasteel echt het mooiste van de twee gebouwen is, geven beide kastelen een goed beeld van de rijkdom waarin de koninklijke familie van Roemenië leefden aan het eind van de negentiende eeuw en de eerste helft van de twintigste eeuw. In vergelijking met de grote kastelen in Duitsland en Frankrijk ziet het er allemaal vrij bescheiden uit, maar de bevolking van Roemenië leefde die tijd voor het grootste deel nog in diepe armoede.

Omdat ik pas rond 7 uur met de trein terug hoefde naar Brasov heb ik in hetzelfde restaurant met de Duitse naam “Gastro Bierhaus” nog wat gegeten om hierna op mijn gemak terug te lopen richting het station van Sinaia. Het wandelpad naar beneden toe was nu helemaal leeg. Er was geen enkel overblijfsel meer te zien van de vele kraampjes die hier in de ochtend nog stonden.

Als je in Brasov bent, is een bezoek aan Sinaia echt een aanrader. Het is een schilderachtig stadje met een totaal andere sfeer dan in het grote Brasov (en het nog grotere Roemenië). Roemenië is absoluut nog een onontdekt vakantieland. In de dagen dat ik er geweest ben, heb ik echt hele mooie dingen kunnen zien. Er zijn dus genoeg redenen om nog een keer terug te gaan, bijvoorbeeld naar de wat groter plaatsen zoals Timisoara en Cluj Napoca die meer in het westen van het land liggen.

Daarna was het op het station wachten tot de trein van zeven uur richting Brasov. Dat is ook meteen het nadeel van gereserveerde kaartjes. Je kunt ook bij regionale of stoptreinen (zoals in Duitsland) niet even een trein eerder of later pakken. Het reserveren is echt noodzakelijk want ik heb toen ik in Roemenië was eens in de app van de Roemeense spoorwegen gekeken en veel treinen waren gewoon volledig uitverkocht (of er waren nog maar beperkt plaatsen beschikbaar). Het maakt het treinreizen wel wat minder flexibel.

Rond zeven uur kwam de Regiotrein richting Brasov aan op het station in Sinaia. Je hebt in Roemenië verschillende treinsoorten. In de ochtend had ik een Interregio trein. Dat is in principe het snelste treintype in Roemenië, maar nog steeds erg langzaam. Ook internationale treinen zoals de trein Boedapest – Boekarest waarmee ik naar Roemenië ben gereisd rijden als Interregio trein. De Regiotrein is een wat langzamere trein. Op het traject Sinaia – Brasov scheelt dit maar een paar minuten maar over langere afstanden kunnen de tijdsverschillen behoorlijk oplopen.

Rond kwart over acht kwam de trein keurig netjes aan op het station in Brasov. Hoewel Brasov een grote stad is, is het station relatief klein in vergelijking met gelijkwaardige steden in West-Europa. Ook de voorzieningen zijn veel minder. Om acht uur is gewoon alles al dicht. Als je dan nog wat wilt kopen zul je dus naar een supermarkt in de buurt moeten. Er is dus echt nog veel voor nodig om de trein in Roemenië weer echt een alternatief te laten zijn voor de auto. Zowel wat comfort en snelheid van de treinen betreft als de inrichting van de stations.

Het volgende deel van dit reisverslag is te vinden op deze pagina
In de beide kastelen Peles en Pelisor die te bezoeken zijn in Sinaia is veel te zien. Daarom bestaat het reisverslag van deze dag ook uit vijf delen om alles hier zo goed mogelijk te laten zien. Inmiddels ben ik aangekomen op de tweede verdieping van het Pelisor kasteel. De ruimte op de onderstaande foto is de slaapkamer van prinses Miarioara. Zij was de tweede dochter van Ferdinand en Marie. De meubels zijn gemaakt in Wenen.

Op de gangen van de tweede verdieping ziet het er allemaal vrij krap uit. Dit wordt vooral veroorzaakt door de lage plafonds die je niet meteen in een kasteel verwacht.

Op de tweede verdieping is ook een aparte Oriëntaalse kamer te zien met meubels, vazen en tapijten uit Azië.

De gouden kamer die door koningin Marie zelf ontworpen is, is de mooiste kamer van dit kasteel. Dit is ook de kamer waar ze in 1938 gestorven is voordat ze begraven bij de rest van de Roemeense koninklijke familie. Haar hart werd tot 1940 bewaard in een zilveren doos waar zowel de Engelse als Roemeense vlag omheen gewikkeld waren. Hierna werd deze doos verplaatst naar het kasteel in Bran. In 2015 besloot koningin Michael om hem te verplaatsen naar deze ruimte.

De gouvernante van de eerste dochter van Marie (Leila Milne) had een eigen kamer in dit kasteel. Het interieur is ontworpen door Bernhard Ludwig uit Wenen. De vazen komen uit Kopenhagen en zijn gemaakt in Art Nouveau stijl.

Arnold Morhlen was een pedagoog die de persoonlijke docent werd van het eerste kind van het koninklijke echtpaar. Ook hij had hier een aparte kamer.


De laatste kamer in de route door het kasteel is de prachtige eetzaal. Hierin staat een tafel waaraan plaats is voor 24 personen. Het zilver en kristal komt uit Bohemen en Duitsland.

Iets na vier uur kwam ik uit het Pelisor kasteel. Hoewel het Peles kasteel echt het mooiste van de twee gebouwen is, geven beide kastelen een goed beeld van de rijkdom waarin de koninklijke familie van Roemenië leefden aan het eind van de negentiende eeuw en de eerste helft van de twintigste eeuw. In vergelijking met de grote kastelen in Duitsland en Frankrijk ziet het er allemaal vrij bescheiden uit, maar de bevolking van Roemenië leefde die tijd voor het grootste deel nog in diepe armoede.

Omdat ik pas rond 7 uur met de trein terug hoefde naar Brasov heb ik in hetzelfde restaurant met de Duitse naam “Gastro Bierhaus” nog wat gegeten om hierna op mijn gemak terug te lopen richting het station van Sinaia. Het wandelpad naar beneden toe was nu helemaal leeg. Er was geen enkel overblijfsel meer te zien van de vele kraampjes die hier in de ochtend nog stonden.

Als je in Brasov bent, is een bezoek aan Sinaia echt een aanrader. Het is een schilderachtig stadje met een totaal andere sfeer dan in het grote Brasov (en het nog grotere Roemenië). Roemenië is absoluut nog een onontdekt vakantieland. In de dagen dat ik er geweest ben, heb ik echt hele mooie dingen kunnen zien. Er zijn dus genoeg redenen om nog een keer terug te gaan, bijvoorbeeld naar de wat groter plaatsen zoals Timisoara en Cluj Napoca die meer in het westen van het land liggen.

Daarna was het op het station wachten tot de trein van zeven uur richting Brasov. Dat is ook meteen het nadeel van gereserveerde kaartjes. Je kunt ook bij regionale of stoptreinen (zoals in Duitsland) niet even een trein eerder of later pakken. Het reserveren is echt noodzakelijk want ik heb toen ik in Roemenië was eens in de app van de Roemeense spoorwegen gekeken en veel treinen waren gewoon volledig uitverkocht (of er waren nog maar beperkt plaatsen beschikbaar). Het maakt het treinreizen wel wat minder flexibel.

Rond zeven uur kwam de Regiotrein richting Brasov aan op het station in Sinaia. Je hebt in Roemenië verschillende treinsoorten. In de ochtend had ik een Interregio trein. Dat is in principe het snelste treintype in Roemenië, maar nog steeds erg langzaam. Ook internationale treinen zoals de trein Boedapest – Boekarest waarmee ik naar Roemenië ben gereisd rijden als Interregio trein. De Regiotrein is een wat langzamere trein. Op het traject Sinaia – Brasov scheelt dit maar een paar minuten maar over langere afstanden kunnen de tijdsverschillen behoorlijk oplopen.

Rond kwart over acht kwam de trein keurig netjes aan op het station in Brasov. Hoewel Brasov een grote stad is, is het station relatief klein in vergelijking met gelijkwaardige steden in West-Europa. Ook de voorzieningen zijn veel minder. Om acht uur is gewoon alles al dicht. Als je dan nog wat wilt kopen zul je dus naar een supermarkt in de buurt moeten. Er is dus echt nog veel voor nodig om de trein in Roemenië weer echt een alternatief te laten zijn voor de auto. Zowel wat comfort en snelheid van de treinen betreft als de inrichting van de stations.

Het volgende deel van dit reisverslag is te vinden op deze pagina

Reactie toevoegen