Donderdag 24 oktober 2024
In Linz heb ik in de ochtend het Schlossmuseum bezocht, dat sinds 1963 gevestigd is in het oude kasteel van de stad. Het eerste deel van dit bezoek (dat in het vorige reisverslag te zien is), gaat over de zalen van het museum waar allerlei middeleeuwse kunst te zien is. Het verslag gaat verder in het deel waarin een verzameling wapens uit de Middeleeuwen te bezichtigen is.


In het museum is ook ruimte ingericht voor moderne kunst. In een grote zaal is het kunstwerk “Moosmenschen” te zien. Een Nederlandse vertaling hiervan is “Mosmensen”. In een mosachtige omgeving staan 23 beelden van keramiek opgesteld. Dit zijn mensen die in een utopische toekomst leven waarbij de natuur de wereld weer terugveroverd heeft. In het landschap zijn voorwerpen van de ondergegane menselijke beschaving te zien.

Verderop is een verzameling dieren te zien die in het gebied van de Donau voorkomen. Ook zijn er kleine stukjes natuur nagebouwd waarin dieren te zien zijn en staat hier een schaalmodel van een aantal Oostenrijkse bergen.



Dit gedeelte wordt afgesloten met een aquarium vol met allerlei tropische vissen en een kunstwerk dat het koraal bij Australië uitbeeldt.

In het museum is ook ruimte voor tijdelijke tentoonstellingen zoals een met het werk van de Oostenrijkse schilder Hubert Schmalix. Zijn werk is geïnspireerd door strips. Zijn schilderijen bestaan vaak uit een figuur of een landschap waarbij contrasterende kleuren gebruikt worden. Het gaat hierbij niet om echte landschappen, er komen geen teksten voor in de tekeningen en er is ook geen volgorde.

Het volgende deel van het museum bestaat uit een uitgebreide verzameling van technische voorwerpen. Op de onderstaande foto is een door Otto von Guericke (1602 – 1686) ontworpen machine te zien waarmee elektrische spanning opgewekt kan worden. Dit soort machines werden in de 18de eeuw veel in het hogere onderwijs gebruikt.

Uit het jaar 1775 zijn op de volgende foto twee parabolische holle spiegels te zien. Deze spiegels staan tegenover elkaar. Als aan beide kanten iemand precies bij het brandpunt van de spiegel gaat staan is het mogelijk om ook over een bepaalde afstand een gesprek te voeren.

De verzameling is ontstaan doordat docenten van het Jezuïeten gymnasium in Linz vanaf 1750 begonnen met het verzamelen van voorwerpen voor het onderwijs in de Natuurkunde. In de loop van de tijd is er zo een verzameling van ongeveer 250 voorwerpen ontstaan. Zoals het voorwerp hieronder dat bestaat uit twee holle ruimtes die door elkaar verbonden zijn met een buis. De ruimtes zijn gedeeltelijk gevuld met een vloeistof zonder lucht, het resterende volume is de damp van de vloeistof. Als de onderste ruimte verwarmd wordt met een hand, verdampt de vloeistof en neemt de druk toe. Hierdoor wordt de vloeistof omhoog gedrukt in de verbindingsbuis. Hebben beide ruimtes weer dezelfde temperatuur, dan stroomt de vloeistof door de zwaartekracht terug naar beneden.

Al in 1833 is er een organisatie opgericht met als doel om aandacht te schenken aan de wetenschappelijke en technische ontwikkelingen in het toenmalige aartsbisdom Salzburg. Een van de doelen was om voorwerpen die dit lieten zien te verzamelen. In de loop van de tijd zijn allerlei voorwerpen zo bij elkaar gebracht. Na de Tweede Wereldoorlog is er een duidelijk scheiding aangebracht tussen het museum van de deelstaat Opper-Oostenrijk en het stadsmuseum van Linz.

Ongeveer een eeuw oud is deze stoomspuit uit het jaar 1913. Door middel van stoom kan dan met een grote hoeveelheid water een brand geblust worden. De stoomspuit in het museum is tussen 1913 en 1965 in gebruik geweest bij de brandweer.

In 1936 werd gestart met de bouw van de Steyer 55, een kleine auto met een vier cilindermotor waarmee zonder problemen door de Alpen gereden kan worden. Tussen 1936 en 1940 zijn er 13.000 van gemaakt. In het laatste jaar moest de productie vanwege de oorlog gestopt worden.

Van 1976 tot 1978 werd de eerste computer ontwikkeld die over meerdere processoren beschikte en daardoor verschillende taken tegelijk uit kon voeren.

Er is ook nog een introactief deel van het museum in de vorm van een Astrolab waarin allerlei zaken m.b.t. het zonnestelsel en het heelal worden toegelicht.

Het volgende deel van dit reisverslag is te vinden op deze pagina
In Linz heb ik in de ochtend het Schlossmuseum bezocht, dat sinds 1963 gevestigd is in het oude kasteel van de stad. Het eerste deel van dit bezoek (dat in het vorige reisverslag te zien is), gaat over de zalen van het museum waar allerlei middeleeuwse kunst te zien is. Het verslag gaat verder in het deel waarin een verzameling wapens uit de Middeleeuwen te bezichtigen is.


In het museum is ook ruimte ingericht voor moderne kunst. In een grote zaal is het kunstwerk “Moosmenschen” te zien. Een Nederlandse vertaling hiervan is “Mosmensen”. In een mosachtige omgeving staan 23 beelden van keramiek opgesteld. Dit zijn mensen die in een utopische toekomst leven waarbij de natuur de wereld weer terugveroverd heeft. In het landschap zijn voorwerpen van de ondergegane menselijke beschaving te zien.

Verderop is een verzameling dieren te zien die in het gebied van de Donau voorkomen. Ook zijn er kleine stukjes natuur nagebouwd waarin dieren te zien zijn en staat hier een schaalmodel van een aantal Oostenrijkse bergen.



Dit gedeelte wordt afgesloten met een aquarium vol met allerlei tropische vissen en een kunstwerk dat het koraal bij Australië uitbeeldt.


In het museum is ook ruimte voor tijdelijke tentoonstellingen zoals een met het werk van de Oostenrijkse schilder Hubert Schmalix. Zijn werk is geïnspireerd door strips. Zijn schilderijen bestaan vaak uit een figuur of een landschap waarbij contrasterende kleuren gebruikt worden. Het gaat hierbij niet om echte landschappen, er komen geen teksten voor in de tekeningen en er is ook geen volgorde.

Het volgende deel van het museum bestaat uit een uitgebreide verzameling van technische voorwerpen. Op de onderstaande foto is een door Otto von Guericke (1602 – 1686) ontworpen machine te zien waarmee elektrische spanning opgewekt kan worden. Dit soort machines werden in de 18de eeuw veel in het hogere onderwijs gebruikt.

Uit het jaar 1775 zijn op de volgende foto twee parabolische holle spiegels te zien. Deze spiegels staan tegenover elkaar. Als aan beide kanten iemand precies bij het brandpunt van de spiegel gaat staan is het mogelijk om ook over een bepaalde afstand een gesprek te voeren.

De verzameling is ontstaan doordat docenten van het Jezuïeten gymnasium in Linz vanaf 1750 begonnen met het verzamelen van voorwerpen voor het onderwijs in de Natuurkunde. In de loop van de tijd is er zo een verzameling van ongeveer 250 voorwerpen ontstaan. Zoals het voorwerp hieronder dat bestaat uit twee holle ruimtes die door elkaar verbonden zijn met een buis. De ruimtes zijn gedeeltelijk gevuld met een vloeistof zonder lucht, het resterende volume is de damp van de vloeistof. Als de onderste ruimte verwarmd wordt met een hand, verdampt de vloeistof en neemt de druk toe. Hierdoor wordt de vloeistof omhoog gedrukt in de verbindingsbuis. Hebben beide ruimtes weer dezelfde temperatuur, dan stroomt de vloeistof door de zwaartekracht terug naar beneden.

Al in 1833 is er een organisatie opgericht met als doel om aandacht te schenken aan de wetenschappelijke en technische ontwikkelingen in het toenmalige aartsbisdom Salzburg. Een van de doelen was om voorwerpen die dit lieten zien te verzamelen. In de loop van de tijd zijn allerlei voorwerpen zo bij elkaar gebracht. Na de Tweede Wereldoorlog is er een duidelijk scheiding aangebracht tussen het museum van de deelstaat Opper-Oostenrijk en het stadsmuseum van Linz.

Ongeveer een eeuw oud is deze stoomspuit uit het jaar 1913. Door middel van stoom kan dan met een grote hoeveelheid water een brand geblust worden. De stoomspuit in het museum is tussen 1913 en 1965 in gebruik geweest bij de brandweer.

In 1936 werd gestart met de bouw van de Steyer 55, een kleine auto met een vier cilindermotor waarmee zonder problemen door de Alpen gereden kan worden. Tussen 1936 en 1940 zijn er 13.000 van gemaakt. In het laatste jaar moest de productie vanwege de oorlog gestopt worden.

Van 1976 tot 1978 werd de eerste computer ontwikkeld die over meerdere processoren beschikte en daardoor verschillende taken tegelijk uit kon voeren.

Er is ook nog een introactief deel van het museum in de vorm van een Astrolab waarin allerlei zaken m.b.t. het zonnestelsel en het heelal worden toegelicht.

Het volgende deel van dit reisverslag is te vinden op deze pagina

Reactie toevoegen