Donderdag 18 juli 2024
Ook tijdens mijn tweede dag in Boekarest waren de temperaturen weer tropisch en liepen gedurende de dag op tot boven de 40 graden. In de ochtend ben ik als eerste naar het openluchtmuseum van de stad geweest. Vanaf het centraal station kun je met de bus en daarna een metro uitstappen aan de rand van het stadspark van de stad.

Het zeer ruime stadspark is vernoemd naar koning Michael I. Het park heeft een oppervlakte van 187 hectare waarvan 74 hectare bestaat uit het meer dat het park doorkruist. Het park heeft de huidige naam sinds 2017. Eerder is het park vernoemd geweest naar het gelijknamige Herastrau meer en naar de Russische leider Stalin. In het park bevinden zich allerlei beelden en eetgelegenheden.

Aan de rand van het park staat de “Arcul de Triumf”. Dit is een triomfboog die tussen 1921 en 1922 gebouwd is voor de Roemeense overwinning in de Eerste Wereldoorlog en de kroning van koning Ferdinand I. Op deze plaats heeft eerder een houden boog gestaan nadat Roemenië in 1878 onafhankelijk werd.

Vanaf de “Arcul de Triumf” is het dan nog ongeveer 700 meter lopen naar de ingang van het openluchtmuseum. Hoewel het pas rond 10.00 uur in de ochtend was, waren de temperaturen nu al tropisch. Dit museum ligt in een deel van het park. Vandaag was de planning best strak omdat ik een kaartje had voor 12.15 voor een rondleiding in het voormalige huis van de Roemeense dictator Ceausescu.

Het openluchtmuseum is vernoemd naar Dimitrie Gusti en is geopend in 1936. Het museum bestaat uit 123 authentieke gebouwen van het Roemeense platteland. In totaal had ik ongeveer anderhalf uur de tijd voor dit museum en dat was achteraf gezien eigenlijk te weinig omdat er heel veel interessante gebouwen staan. Vanwege de hitte was anderhalf uur daarnaast ook wel voldoende. Op deze ochtend was het in het museum erg rustig.

De foto’s in dit reisverslag zijn dan ook maar een beperkte selectie uit de vele authentieke gebouwen die hier te zien zijn. De eerste foto’s komen uit het oudste gedeelte van het museum. Het eerste gebouwtje is een windmolen uit de eerste helft van de 20ste eeuw die sinds 1965 in het museum te zien is. De molen werd oorspronkelijk gebruikt voor het malen van kleine hoeveelheden koren en graan en was genoeg voor de behoefte van één gezin.

Het gebouw op de volgende foto is een woning uit de late 19de eeuw uit het noordoosten van Roemenië. Helaas was maar een beperkt aantal van de gebouwen ook toegankelijk. Aan de voorkant wordt het huis afgeschermd door houten planken en een poortje.

Het volgende huis komt uit het plaatsje Naruja (eind 19de eeuw). In dit gebied leefde de mensen toen vooral van het houden van schapen. Het huisje bestaat uit een tweetal ruimtes. Een kleine ruimte voor de opslag van gereedschap bij de ingang en een grote ruimte die als keuken, werkruimte, slaapkamer en ontvangstruimte werd gebruikt.

Een groter huis komt uit de plaats Audia. Dit was een gebied waar de bewoners vooral leefden van de bosbouw, het houden van huisdieren en vissen. De eigenaren waren vrije burgers met een bepaalde rijkdom wat tot uitdrukking komt in de grootte van het huis. Dit huis bestaat uit vijf kamers inclusief een veranda.

In 2008 zijn de gebouwen op de volgende foto (een huis, keuken en maisschuur) onderdeel van het museum geworden. Ze behoorden tot een rijke familie van schapenhouders in het zuiden van Transsylvanië.

Het kleine huisje op de onderstaande foto komt uit het plaatsje Rapciuni en is gebouwd op een verhoging van stenen en hout. Naast het huis staat een klein kegelachtig gebouw. Dit werd gebruikt als een schuilplaats voor schaapsherders, bosarbeiders of landbewerkers.

In de jaren ’50 van de vorige eeuw moesten een aantal dorpen langs de Bistrita rivier verdwijnen voor de aanleg van waterkrachtcentrales. Ruim 18.000 inwoners waren gedwongen te vertrekken. De “Holy Voivods” kerk uit het plaatsje Rapciuni is in 1958 naar het museum verplaatst.

Iets heel anders is op de volgende foto te zien. Het is een kermiswiel dat in het begin van de 20ste eeuw gebruikt werd op allerlei kermissen. Feitelijk is het een kleine versie van een “Ferris Wheel”. Dit is het eerste reuzenrad ter wereld dat ontworpen is door de Amerikaan Ferris.

Het openluchtmuseum is groots opgezet en je wandelt over een terrein met overal historische gebouwen van het Roemeense platteland. Rond half 11 in de ochtend scheen de zon al volop en was er nauwelijks bewolking. Het museum was vrijwel uitgestorven en aan het dorre gras is te zien dat het al lang erg warm en droog is geweest.

Sinds 2002 staat de pers op de onderstaande foto in het museum. Deze werd gebruikt om olie uit zaden te persen en ook om appels en sinaasappels uit te persen voor hun sap.

Onder een afdakje staat een wijnpers, die in 1864 gebouwd is in een dorpje uit de omgeving van Brasov. Het museum is uitermate goed gedocumenteerd. Bij elk gebouw of voorwerp staat een informatiebord in het Roemeens en Engels met een uitgebreide beschrijving van wat er te zien is.

Een van de grotere huizen is een huis uit Curteni dat in 1959 onderdeel van het museum is geworden. Dit gebouw is wel toegankelijk voor de bezoekers. Het huis zelf is in 1844 gebouwd en bestaat uit een woning, een verblijf voor kippen en een kelder voor de opslag van wijn.


De volgende foto laat nog een pers zien voor het maken van oliën uit de 19de eeuw.

Een gebouw dat als sinds de opening van het museum hier staat is dit huis uit Nereju Mic. Het huis is in de typische stijl van het gebied Vrancea gebouwd waar deze plaats ligt.
Het volgende deel van dit reisverslag is te vinden op deze pagina
Ook tijdens mijn tweede dag in Boekarest waren de temperaturen weer tropisch en liepen gedurende de dag op tot boven de 40 graden. In de ochtend ben ik als eerste naar het openluchtmuseum van de stad geweest. Vanaf het centraal station kun je met de bus en daarna een metro uitstappen aan de rand van het stadspark van de stad.

Het zeer ruime stadspark is vernoemd naar koning Michael I. Het park heeft een oppervlakte van 187 hectare waarvan 74 hectare bestaat uit het meer dat het park doorkruist. Het park heeft de huidige naam sinds 2017. Eerder is het park vernoemd geweest naar het gelijknamige Herastrau meer en naar de Russische leider Stalin. In het park bevinden zich allerlei beelden en eetgelegenheden.

Aan de rand van het park staat de “Arcul de Triumf”. Dit is een triomfboog die tussen 1921 en 1922 gebouwd is voor de Roemeense overwinning in de Eerste Wereldoorlog en de kroning van koning Ferdinand I. Op deze plaats heeft eerder een houden boog gestaan nadat Roemenië in 1878 onafhankelijk werd.

Vanaf de “Arcul de Triumf” is het dan nog ongeveer 700 meter lopen naar de ingang van het openluchtmuseum. Hoewel het pas rond 10.00 uur in de ochtend was, waren de temperaturen nu al tropisch. Dit museum ligt in een deel van het park. Vandaag was de planning best strak omdat ik een kaartje had voor 12.15 voor een rondleiding in het voormalige huis van de Roemeense dictator Ceausescu.

Het openluchtmuseum is vernoemd naar Dimitrie Gusti en is geopend in 1936. Het museum bestaat uit 123 authentieke gebouwen van het Roemeense platteland. In totaal had ik ongeveer anderhalf uur de tijd voor dit museum en dat was achteraf gezien eigenlijk te weinig omdat er heel veel interessante gebouwen staan. Vanwege de hitte was anderhalf uur daarnaast ook wel voldoende. Op deze ochtend was het in het museum erg rustig.

De foto’s in dit reisverslag zijn dan ook maar een beperkte selectie uit de vele authentieke gebouwen die hier te zien zijn. De eerste foto’s komen uit het oudste gedeelte van het museum. Het eerste gebouwtje is een windmolen uit de eerste helft van de 20ste eeuw die sinds 1965 in het museum te zien is. De molen werd oorspronkelijk gebruikt voor het malen van kleine hoeveelheden koren en graan en was genoeg voor de behoefte van één gezin.

Het gebouw op de volgende foto is een woning uit de late 19de eeuw uit het noordoosten van Roemenië. Helaas was maar een beperkt aantal van de gebouwen ook toegankelijk. Aan de voorkant wordt het huis afgeschermd door houten planken en een poortje.

Het volgende huis komt uit het plaatsje Naruja (eind 19de eeuw). In dit gebied leefde de mensen toen vooral van het houden van schapen. Het huisje bestaat uit een tweetal ruimtes. Een kleine ruimte voor de opslag van gereedschap bij de ingang en een grote ruimte die als keuken, werkruimte, slaapkamer en ontvangstruimte werd gebruikt.

Een groter huis komt uit de plaats Audia. Dit was een gebied waar de bewoners vooral leefden van de bosbouw, het houden van huisdieren en vissen. De eigenaren waren vrije burgers met een bepaalde rijkdom wat tot uitdrukking komt in de grootte van het huis. Dit huis bestaat uit vijf kamers inclusief een veranda.

In 2008 zijn de gebouwen op de volgende foto (een huis, keuken en maisschuur) onderdeel van het museum geworden. Ze behoorden tot een rijke familie van schapenhouders in het zuiden van Transsylvanië.

Het kleine huisje op de onderstaande foto komt uit het plaatsje Rapciuni en is gebouwd op een verhoging van stenen en hout. Naast het huis staat een klein kegelachtig gebouw. Dit werd gebruikt als een schuilplaats voor schaapsherders, bosarbeiders of landbewerkers.

In de jaren ’50 van de vorige eeuw moesten een aantal dorpen langs de Bistrita rivier verdwijnen voor de aanleg van waterkrachtcentrales. Ruim 18.000 inwoners waren gedwongen te vertrekken. De “Holy Voivods” kerk uit het plaatsje Rapciuni is in 1958 naar het museum verplaatst.

Iets heel anders is op de volgende foto te zien. Het is een kermiswiel dat in het begin van de 20ste eeuw gebruikt werd op allerlei kermissen. Feitelijk is het een kleine versie van een “Ferris Wheel”. Dit is het eerste reuzenrad ter wereld dat ontworpen is door de Amerikaan Ferris.

Het openluchtmuseum is groots opgezet en je wandelt over een terrein met overal historische gebouwen van het Roemeense platteland. Rond half 11 in de ochtend scheen de zon al volop en was er nauwelijks bewolking. Het museum was vrijwel uitgestorven en aan het dorre gras is te zien dat het al lang erg warm en droog is geweest.

Sinds 2002 staat de pers op de onderstaande foto in het museum. Deze werd gebruikt om olie uit zaden te persen en ook om appels en sinaasappels uit te persen voor hun sap.

Onder een afdakje staat een wijnpers, die in 1864 gebouwd is in een dorpje uit de omgeving van Brasov. Het museum is uitermate goed gedocumenteerd. Bij elk gebouw of voorwerp staat een informatiebord in het Roemeens en Engels met een uitgebreide beschrijving van wat er te zien is.

Een van de grotere huizen is een huis uit Curteni dat in 1959 onderdeel van het museum is geworden. Dit gebouw is wel toegankelijk voor de bezoekers. Het huis zelf is in 1844 gebouwd en bestaat uit een woning, een verblijf voor kippen en een kelder voor de opslag van wijn.


De volgende foto laat nog een pers zien voor het maken van oliën uit de 19de eeuw.

Een gebouw dat als sinds de opening van het museum hier staat is dit huis uit Nereju Mic. Het huis is in de typische stijl van het gebied Vrancea gebouwd waar deze plaats ligt.

Het volgende deel van dit reisverslag is te vinden op deze pagina

Reactie toevoegen